img Wij hebben de beste letselschade experts in heel Nederland en adviseren u kosteloos

Nekletsel en letselschade voor beveiliger

Letselschade bedrijfsongevalTijdens een weerbaarheidstraining voor beveiligers die werkzaam zijn bij een kliniek voor jongeren met gedragsproblemen, loopt één van hen letsel en letselschade op. De rechter wordt uiteindelijk ingeschakeld, omdat de werkgever het bedrijfsongeval blijft ontkennen en bovendien vindt dat de werknemer onvoldoende bewijs kan leveren dat zijn letselschade door het ongeval is ontstaan.

De werknemer en zijn letsel

De werknemer zegt dat de letselschade door het bedrijfsongeval is ontstaan. Met nekklachten is hij vervolgens, volgens eigen zeggen, twee dagen later naar zijn huisarts gegaan. Na nog enkele bezoeken is hij uiteindelijk op 5 maart 2011 geopereerd aan een nekhernia. De werknemer is volledig arbeidsongeschikt sinds het bedrijfsongeval en kan daarnaast zijn baan als portier bij een café tijdens de weekenden ook niet meer uitvoeren. Het staat vast dat de man in ieder geval voor gemist inkomen en extra kosten letselschade lijdt. Daarnaast zou de werknemer in aanmerking kunnen komen voor een vergoeding smartengeld, omdat er ongetwijfeld sprake zal zijn van gederfde levensvreugde.

De werkgever en zijn aansprakelijkheid

Nadat de werkgever aansprakelijk is gesteld door zijn werknemer, schakelt deze zijn verzekeraar Centramed in, die op zijn beurt weer een jurist inschakelt om de toedracht van het incident te onderzoeken. Deze vraagt de werknemer om een verklaring van het bedrijfsongeval en zijn opgelopen letselschade. Ook de trainer evenals drie getuigen worden om een verklaring gevraagd.

Tegenstrijdige verklaringen met als gevolg een onduidelijk beeld

Centramed ontvangt de gevraagde verklaringen. Over wat er zich nu werkelijk tijdens het ongeval heeft afgespeeld, wordt uit de verklaringen niet duidelijk. Geen van de verklaringen komt overeen. Zo wordt het niet duidelijk wanneer het bedrijfsongeval heeft plaatsgevonden en is het ongeval niet als zodanig bij de werkgever gemeld. Voorts wordt het volgende verklaard:

  • De werknemer verklaart dat hij opeens door een collega (en tevens getuige) van achteren werd besprongen terwijl hij stond te kijken naar de trainer. De collega trok de man bij de nek naar achteren toen een tweede collega (eveneens een getuige) aan zijn arm begon te trekken, waardoor de man ten val kwam. De collega bleef aan de arm trekken, ook toen de werknemer op de grond lag.
  • De trainer verklaart zich niets van het ongeval te herinneren. En mocht er iets zijn voorgevallen, zoals de werknemer beweerd, dan had hij dit direct gerapporteerd aan de werkgever.
  • Getuige 1 herkent zich niet in het verhaal van zijn collega en verklaart dat zij een rollenspel speelden. De werknemer speelde een opstandige jongere en de collega moest hem zien te bedwingen. Om hem te overmeesteren sprong hij zodoende, met enige kracht gezien het postuur van de man, op diens nek. Er zou geen sprake zijn van betrokkenheid van nog een collega.
  • Getuige 2 herkent zich eveneens niet in de lezing van de collega die zijn werkgever aansprakelijk heeft gesteld. Deze getuige verklaart dat niet de werknemer maar juist de collega de rol van opstandige jongere speelde. De werknemer zou hem samen met getuige 2 tegen de grond moeten zien te werken. De collega ging nogal in zijn rol op waardoor het er behoorlijk fanatiek aan toe ging. Getuige 2 weet nog dat de werknemer erg boos werd op een gegeven moment en de collega op de grond gooide. Maar wat er precies is gebeurd en op welk moment, kan de getuige zich niet meer herinneren.
  • Getuige 3 verklaart niets te hebben waargenomen van het voorval. het enige wat hij zich nog kan herinneren is dat de werknemer op een zeker moment afklopte, maar wat de reden hiervan was, is door de getuige niet opgemerkt. Hij begreep later van de werknemer dat hij bij de nek was gepakt door de andere getuige.

Naar de rechter omtrent letselschade bedrijfsongeval

Centramed erkent namens de werkgever geen aansprakelijkheid voor het bedrijfsongeval en het ontstaan van het letsel en de letselschade als gevolg daarvan. Dit door de wisselende beelden die naar aanleiding van de verklaringen tot stand zijn gekomen. De werknemer laat het er niet bij zitten en stapt naar de rechter. Normaal gesproken is bij een bedrijfsongeval de werkgever aansprakelijk, omdat hij er dan niet alles aan gedaan zou hebben om te voldoen aan zijn zorgplicht. In principe ligt de bewijslast bij de werkgever, maar de werknemer dient wel voldoende aannemelijk te maken dat hij letsel en letselschade tijdens de uitoefening van zijn werk heeft opgelopen. Ook moet aannemelijk worden gemaakt dat het bedrijfsongeval door het niet nakomen van de zorgplicht van zijn werkgever is veroorzaakt.

Oordeel van de rechter; onvoldoende aantoonbaar bewijs van werknemer

Door de meeste rechters wordt aan het ‘aannemelijk maken’ niet veel eisen gesteld, maar in deze zaak spreekt de rechter zich echter anders uit. Hij zegt dat door de werknemer niet voldoende is aangetoond (aannemelijk gemaakt)dat er een bedrijfsongeval heeft plaatsgevonden en daaruit letsel en letselschade is ontstaan. Uitgangspunten hierbij zijn dat:

  • De werknemer de precieze datum van het bedrijfsongeval niet kan aangeven. Hij verklaart dat het ergens eind november, begin december 2009 geweest moet zijn.
  • Uit de beschikbare verklaringen niet kan worden geconcludeerd dat het bedrijfsongeval plaats heeft gevonden zoals de werknemer aangeeft.
  • De beide betrokken getuigen en tevens collegae van de werknemer verschillende verklaringen hebben afgelegd over de toedracht van het incident.
  • De getuige die niet direct betrokken was niet kan verzekeren dat hij heeft gezien dat de werknemer naar beneden is getrokken bij de nek.
  • De trainer zich niets kan herinneren van het voorval.

De werkgever heeft volgens de rechter de bewering van de werknemer voldoende gemotiveerd en aangevochten. Er is onvoldoende bewijs dat de werkgever niet aan zijn zorgplicht heeft voldoen. De werknemer heeft onvoldoende verduidelijkt dat er een bedrijfsongeval, zoals hij stelt, heeft plaatsgevonden. Laat staan dat er letsel en letselschade als gevolg van is opgetreden. Dit laatste komt vooral door het feit dat de werknemer de exacte datum van het bedrijfsongeval niet kan vertellen. Hij verklaart alleen dat het ergens november/december 2009 plaatsgevonden heeft. Daar komt bij dat de man voor het eerst op 22 december 2009 zijn huisarts heeft bezocht en niet na twee dagen zoals hij eerder verklaarde.

Slotconclusie bij deze letselschade door bedrijfsongeval

In deze zaak stelt de rechter dat het geheel aan verklaringen en feiten te onduidelijk, te onsamenhangend en te tegenstrijdig is. Dat de werkgever niet aansprakelijk wordt gesteld, was zodoende te verwachten en invoelbaar. Dit had anders kunnen zijn als in ieder geval bekend was geworden wat de precieze datum van het bedrijfsongeval was, er direct melding van was gemaakt bij de trainer en de werkgever en de werknemer zich kort na het incident onder medische behandeling gesteld zou hebben. Door alle onduidelijkheden vindt de rechter dat er niet voldoende is aangetoond dat er een bedrijfsongeval plaatsgevonden heeft en hij wijst dan ook de claim af. De werkgever hoeft ook niet verder te bewijzen dat hij aan zijn zorgplicht heeft voldaan of er alles aan heeft gedaan. Een in juridische zin begrijpelijke uitspraak, die voor het slachtoffer zeer teleurstellend is.

Is uw letselschade overkomen? Neem dan gerust contact op voor een vrijblijvend advies!

Nuttig? Deel artikel: